Gerard Dou heeft een lange traditie als fijnschilder nagelaten en ergens op het meest moderne punt van die traditie staat het werk van Kees Thijn. Kees is een fijnschilder maar daar is iets bijzonders mee aan de hand. In zijn werken komen twee aspecten aan de orde: associatie en transformatie. Als hij net begonnen is om heel precies een vlinder, een porseleinen vaas of iets anders te schilderen, is het net of hij daar halverwege het proces zelf van staat te kijken en dat iets weer associeert met iets anders, of iets invult wat daarmee contrasteert. Bijvoorbeeld een vaas die fraai melkwit is geschilderd waar vervolgens melk uitloopt. Kees Thijn is een fijnschilder die voortdurend met zijn product bezig is terwijl hij dat kunstwerk maakt. Dat is het spannende.
Je kunt ook denken, ik ben zo goed in de stofuitdrukking/textuur van het oppervlak, nu ga ik het nog beter maken door er een heel ander oppervlak tegenaan te zetten. Dat is zo bijzonder, helemaal niet surrealistisch of magisch, maar dat er een proces van associatie optreedt waarbij die texturen tegen elkaar een bijzondere betekenis krijgen. De ene textuur krijgt betekenis door er een andere tegenaan te zetten. En dan heb je het wonderlijke proces van associatie dat soms ook heel humoristisch kan zijn. Zo geniet ik van het werk. Het andere aspect is dat van transformatie. Iets betekent dan weer iets anders. Wat ik zo speciaal vind is als je het schilderij met de eierschalen bekijkt hebben die weer dingetjes nodig om die eierschalen te ondersteunen, maar die krijgen daardoor weer een extra betekenis. Nu zijn er ook symbolen. Net als bij –ismen, oppassen met te vroege etikettering. Bij symbolen heb je een beetje hetzelfde. Een ei is het symbool van de oorsprong, geboorte maar is ook geschilderd in een hele fijne textuur. Geniet eerst van uw kijkervaring en zie dat dit ei echt een ei is. Weet u waar het altijd fout gaat, dat is bij Jeroen Bosch. Jeroen Bosch is totaal doorgeïnterpreteerd en aan al die eieren in de” tuin der lusten” zijn de meest diepzinnige betekenissen gegeven. Maar niemand heeft bedacht hoe lekker het is om als je naakt bent met zo’n ei om te voelen. Daar gaat zo’n schilderij in eerste instantie om en dat het ook nog iets betekent, is van waarde voor de kunsthistorici; maar ons gaat het om de werking van dat ei in de beeldende context En dat is hier precies net zo. Elk schilderij is een avontuur van een fijnschilder die steeds bedenkt waar hij mee bezig is, dus een experimenterend fijnschilder. Zo zou ik deze kunstwerken willen karakteriseren.